Pedagogen

p_thomas

Thomas Gordon

De Amerikaan Thomas Gordon was een ontwikkelingspsycholoog die uitging van gelijkwaardigheid in relaties. Centraal in Gordon’s visie staan respect en aandacht voor elkaar en ruimte voor ieders eigen karakter. De rode draad van zijn methode is de taal van acceptatie. We nemen kinderen serieus en laten ze in hun waarde, zodat we goede relaties met ze op kunnen bouwen. In die context kan een kind groeien, zich ontwikkelen en problemen leren oplossen. Het maakt dat een kind productiever en creatiever wordt en zich gelukkig zal voelen.

Gordon hecht veel waarde aan communicatie. Kinderen kunnen goed aangeven wat ze willen, met of zonder woorden. Onze pedagogisch medewerkers verwoorden de gevoelens of behoeften van een kind, om er zo achter te komen wat een kind bedoelt of wat er aan de hand is. Gordon noemt dit actief luisteren. Op die manier ontstaat er niet alleen begrip maar ook vertrouwen. Soms is het alleen maar nodig om te luisteren zonder woorden: passief luisteren. Daarbij laat de pedagogisch medewerker voelen dat zij het kind begrijpt en accepteert zoals het is.

Gordon introduceerde de term ‘ik-boodschap’ voor een heel specifieke vorm van communicatie. Als een kind iets doet wat een opvoeder niet wil, benoemt ze heel concreet waarom dat voor haar vervelend is. Een kind krijgt daarmee de kans zich in een ander te verplaatsen, zonder dat het zich persoonlijk aangevallen voelt. Een pedagogisch medewerker zegt dus niet: ‘Jullie moeten niet zo gillen,’ maar bijvoorbeeld: ‘Ik heb nu hoofdpijn en kan er niet zo goed tegen als jullie zoveel lawaai maken. Zullen we samen even een rustig spelletje gaan uitzoeken of willen jullie liever buiten spelen?´In zijn boek ´Luisteren naar kinderen´ beschrijft Gordon hoe opvoeders en kinderen beter met elkaar kunnen communiceren, zonder dat de volwassenen daarbij hun macht misbruiken. Belangrijk vaardigheden hierbij zijn het geven van ik-boodschappen en het vinden van win-win-oplossingen.

p_emmi

Emmi Pikler

Emmi Pikler, een kinderarts van Hongaarse komaf, werd geboren in Wenen. Zij was ervan overtuigd dat een kind zich beter ontwikkelt als het de kans krijgt zijn eigen fouten te maken en ontdekkingen te doen. Als we ieder probleem voor het kind oplossen staan we mentale groei juist in de weg. Ze had groot vertrouwen in de aangeboren krachten en mogelijkheden van kinderen. Bovendien had ze een diep respect voor het eigen ritme van ieder kind en was de balans tussen tijd waarin het kind één op één verzorgd wordt en tijd waarin het kind zelfstandig zijn gang kan gaan voor haar heilig.
Pikler stelt dat een kind zich alleen vrij kan ontwikkelen en zelfstandig kan spelen als het zich veilig en geliefd voelt. Bij kleine kinderen creëren we die veiligheid door intensief en bewust contact te hebben op de momenten dat we ze verschonen of voeden. De manier waarop we een kind aanraken en toespreken bepaalt of het zich geborgen voelt. We noemen het kind bij de naam en kondigen aan wat we gaan doen. Door aandachtig te communiceren kan er al heel vroeg een dialoog ontstaan. Het kind is bij ons geen passief wezen dat verzorgd moet worden, maar een actieve deelnemer die contact maakt.
Een andere leidende gedachte van Pikler is dat een kind de vrijheid moet krijgen om in zijn eigen tempo te leren bewegen en spelen. Bij ons krijgen kinderen de mogelijkheid en ruimte om met geduld en doorzettingsvermogen volgende stappen aan te gaan of moeilijkheden te overwinnen. Dat legt de basis voor een gezonde dosis zelfvertrouwen. We bieden afwisselend en interessant speelgoed in een veilige ruimte die uitdaagt tot beweging, ontdekking en het verleggen van grenzen.

solter

Aletha Solter

Aletha Solter is een Zwitsers/Amerikaans ontwikkelingspsychologe. Aletha Solter is een internationale autoriteit op het gebied van binding, trauma’s en disciplineren zonder straffen en belonen.
In haar eerste boek, Baby’s weten wat ze willen, is een belangrijk uitgangspunt dat alle baby’s stress meemaken, en dat huilen hun belangrijkste middel is om te ontladen. Het is volgens Solter van wezenlijk belang om baby’s te laten huilen in plaats van eten geven, heen en weer schudden, een speen in de mond te doen en te proberen het huilen te stoppen (tenminste als sprake is van stress. Bij honger, natte luier etc., kan beter die oorzaak worden weggenomen). Daarbij is van belang dat de ouder/verzorger het kind niet alleen laat, maar aanraakt en op rustige toon laat blijken dat het huilen wordt geaccepteerd. Haar tweede boek, Het ongedwongen kind, behandelt dezelfde benadering maar dan voor de leeftijdsgroep van 2-8 jaar. De opvoedkundige benadering van Solter is sterk beïnvloed door de Amerikaanse klinisch psycholoog Dr. Thomas Gordon. Waar Gordon een meer algemene machtloze communicatiemethode ontwikkelde (eerst voor ouders en kinderen en later uitgebreid naar professionals, leerkrachten, volwassenen) heeft Solter deze doorontwikkeld voor baby’s en jonge kinderen. Zij combineert een en ander met resultaten van biochemische en fysiologische onderzoeken over o.a. tranen en spanning ontladen.

korczak home

Janus Korczak

Janus Korczak had als kinderarts een weeshuis in Polen
Als er één punt uit zijn denken over opvoeding naar voren gehaald moet worden is dat wel het idee van “respect” voor het kind. Het kind is in elke fase een volwaardig menselijk wezen en niet slechts een onaf mens, die nog van alles niet kan. We hebben in het algemeen te weinig respect voor de ervaringen waarover het kind reeds beschikt. Korczaks observaties tonen ons welke inspanningen er van een kind gevraagd worden bij het opgroeien. Elke stap moet veroverd worden. We zijn de gevoeligheid voor dit moeizame proces verloren. Kortom, we zijn ongeduldig geworden en gunnen het kind niet “het recht op de dag van vandaag”. We hebben het steeds, juist in scholen, over wat het kind moet worden. Het langzame ingroeien in de morele en sociale patronen vergt veel tijd en de op de toekomst gerichte opvoeder is altijd ongeduldig.Korczak staat in het opvoedingsgebeuren de gelijkwaardigheid van kind en volwassene centraal. Tussen kind en opvoeder moet een dialoog bestaan. We laten het kind te weinig zelf dingen ervaren en beleven. We willen eigenlijk over alles wat het doet waken, aldus Korczak. Wij zijn ervaren en we hebben het beste met je voor, en doe het maar zoals wij het zeggen.

p_loris

Loria Malaguzzi

Vlak na de Tweede Wereldoorlog begon in het Noord-Italiaanse stadje Reggio Emilia een pedagogische revolutie. Pedagoog en filosoof Loris Malaguzzi doorbrak de tradities door heel goed naar kinderen te luisteren. Hij ontwikkelde leerplannen rond thema’s die kinderen bezighielden. Voor ieder thema werden speciale materialen aangevoerd en hij paste ook de inrichting van de ruimte aan. Bovendien waren de plannen dynamisch: gaandeweg stelde hij ze bij om in te spelen op de behoeften van het individuele kind of de groep. Deze aanpak wordt in Reggio nog steeds toegepast en blijft zich ontwikkelen in de geest van Malaguzzi.Centraal staat de gedachte dat alles uit de kinderen zelf komt. Door goed naar kinderen te kijken en te luisteren, leren we ze te verstaan en te begrijpen. Zo ontdekken we wat een kind op dat moment bezighoudt. Kinderen worden geboren met een indrukwekkend scala aan talenten en capaciteiten en hebben van jongs af aan de kracht om richting te geven aan hun eigen ontwikkeling. Bovendien zijn kinderen al bij geboorte sociale wezens die contact zoeken met hun omgeving en anderen. Daar kunnen onze pedagogisch medewerkers direct op inspelen, door het kind actief te stimuleren of juist even met rust te laten. Goed luisteren betekent ook dat we altijd openstaan voor nieuwe ideeën en dat we samen met het kind op zoek blijven gaan.Een van de grootste klussen die kinderen te klaren hebben is het aanleggen van een identiteit. In het contact met de wereld en de mensen om hen heen krijgt hun persoonlijkheid vorm. Kinderen hebben in principe alles in huis om dit succesvol te doen. Maar het is aan de ouders en verzorgers om een omgeving te creëren waarin een kind zich helemaal kan ontplooien.Malaguzzi stelt dat kinderen 100 talen tot hun beschikking hebben om te communiceren. De volwassenen moeten heel goed naar kinderen kijken en luisteren om deze talen te kunnen ´verstaan´ en er bij aan te sluiten.